Header 8

Onderzoeksopzet

In dit project wordt netwerkondersteuning in buurt en wijk onderzocht. De vraag die daarbij centraal staat, is: Wat hebben mensen met een verstandelijke of psychiatrische beperking nodig om een informeel sociaalnetwerk in hun buurt of wijk op te bouwen, uit te breiden en te behouden zodat ze naar vermogen kunnen deelnemen aan de samenleving?

Dit is een ontwikkelonderzoek. Dat betekent dat er tussentijds bijgestuurd kan worden en de fasen door elkaar heen lopen en elkaar kunnen beïnvloeden. Er wordt onderzocht wat wel en niet werkt in contacten tussen mensen met en zonder beperking die gefaliciteerd worden op de plek. Daarbij wordt ook gelet op de rol van de professionals en de rol van de context (o.a. faciliteiten in de wijk en beleid). Door meerdere interviewrondes worden de netwerken van mensen op de plekken gevolgd.  De netwerkondersteunende projecten worden met professionals doorontwikkeld. 

In het onderzoek staan daarbij 3 concepten centraal, omdat die vanuit literatuur en eerder onderzoek een belangrijke rol blijken te spelen. 

  • Focus op Wederkerigheid
    Het gaat om het geven en nemen, niet alleen van tastbare dingen of iets doen voor een ander, maar ook bijvoorbeeld: Voelen mensen zich gewaardeerd? Kunnen ze op deze plek iets leren (van anderen)? Ervaren ze dat ze een bijdrage kunnen leveren?
     
  • Focus op Begrenzing
    Het gaat om waar het contact begint en eindigt en hoe de plekken van netwerkondersteuning ‘goede grenzen’ bieden voor onderling contact. We vragen  bijvoorbeeld: Waar zien jullie elkaar? Hoe vaak en hoe lang zien jullie elkaar? Wat doen jullie bijvoorbeeld écht niet?
     
  • Focus op Gezamenlijkheid
    Als mensen een interesse of doel gemeenschappelijk hebben, is het gemakkelijker om in contact te komen en te blijven. Er wordt gekeken of dat ook op deze plekken zo werkt.